Elke nacht, zodra het donker wordt, beginnen ze aan hun ronde. Geruisloos, razendsnel en met een trefzekerheid die geen enkel insecticide kan evenaren. Vleermuizen vangen honderden vliegende insecten per nacht in volle vlucht: rouwvliegjes, motten, muggen, dansvliegjes. Ze navigeren op echolocatie, horen hun prooi van meters afstand en slaan nooit mis. En ze doen het allemaal gratis, elke nacht, als jij allang slaapt.
Wat maakt vleermuizen zo bijzonder?
Nederland telt zeventien soorten vleermuizen, van de kleine dwergvleermuis tot de grote rosse vleermuis. Ze leven allemaal van insecten en zijn volledig afhankelijk van een rijke insectenpopulatie om te overleven. Dat maakt ze tot een perfecte graadmeter voor de gezondheid van je tuin: vleermuizen die jouw tuin bezoeken, betekent dat er genoeg leven is om ze te voeden.
De meest voorkomende soort in tuinen is de gewone dwergvleermuis. Hij is klein, snel en gespecialiseerd in kleine vliegende insecten. Eén dwergvleermuis eet in één nacht tot drieduizend muggen en andere kleine insecten. Dat is geen tikfout. Drieduizend per nacht, elke nacht van het seizoen.
Welke plagen bestrijden vleermuizen?
Vleermuizen jagen op alles wat 's nachts vliegt en klein genoeg is om te vangen. Volwassen rouwvliegjes die uit je kamerplanten opvliegen en buiten rondzweven zijn een makkelijke prooi. Muggen die boven stilstaand water zwermen worden systematisch weggevangen. Motten die hun eitjes leggen op planten en textiel komen 's nachts tevoorschijn en zijn daarmee ook een favoriet doelwit.
Vleermuizen jagen bij voorkeur boven open plekken, langs bosranden en boven water, maar ook boven tuinen met genoeg ruimte en insectenleven. Een tuin met borders, een vijver of vijverbak en weinig kunstlicht is voor vleermuizen een ideale jachtgrond.
Waarom vleermuizen het zo moeilijk hebben
De vleermuis is in Nederland een beschermde diersoort, en niet voor niets. De populatie heeft de afgelopen decennia sterk geleden onder het verdwijnen van oude gebouwen en holle bomen als verblijfplaats, het gebruik van pesticiden dat hun voedselbron vernietigt, en toenemende lichtvervuiling die hun jachtgedrag verstoort. Een vleermuis die bij jou in de buurt jaagt is dus geen vanzelfsprekendheid maar een teken dat je omgeving nog relatief gezond is.
Door je tuin vleermuis-vriendelijk in te richten, draag je direct bij aan het herstel van een dier dat het hard nodig heeft.
Zo maak je je tuin aantrekkelijk voor vleermuizen
Begin met een vleermuiskast. Dat is het equivalent van een nestkastje voor vogels: een kunstmatige verblijfplaats die vleermuizen een veilige plek geeft om te rusten en jongen groot te brengen. Hang hem hoog op, minstens drie meter boven de grond, op een plek die overdag goed opwarmt maar niet de hele dag in de volle zon hangt. Een zuidoost- of zuidwestgerichte gevel is ideaal. Zorg dat er geen obstructies zijn voor de vliegroute en dat de kast rustig is: vleermuizen zijn gevoelig voor verstoring.
Vervolgens gaat het om het insectenleven in je tuin. Vleermuizen hebben prooi nodig, en die prooi heeft bloemen, water en variatie nodig. Zorg voor nachtbloeiers zoals witte of lichtgekleurde bloemen die 's avonds goed zichtbaar zijn: vlierbes, kamperfoelie, witte seringen. Die trekken nachtvlinders en andere insecten aan die op hun beurt vleermuizen aantrekken. Een kleine vijver of vijverbak is een enorme bonus: muggen en dansvliegjes concentreren zich boven water en maken de jacht voor vleermuizen een stuk makkelijker.
Zet je buitenverlichting uit of vervang hem door warm, amberkleurig licht. Fel wit of blauwachtig licht verstoort het jachtgedrag van vleermuizen en trekt tegelijkertijd insecten weg van de plekken waar vleermuizen jagen. Minder licht is meer voor vleermuizen.
En stop met chemische middelen. Insecticiden vernietigen de insectenpopulatie waar vleermuizen van afhankelijk zijn. Een tuin vol gif is voor een vleermuis een woestijn. Kies voor biologische alternatieven zoals aaltjes die specifiek werken op de plaag die je wil bestrijden, zonder het bredere insectenleven te schaden.
Vleermuizen door het seizoen
Vleermuizen zijn seizoensdieren die in Nederland van april tot oktober actief zijn. In de winter houden ze winterslaap, bij voorkeur in kelders, grotten of oude gebouwen waar de temperatuur stabiel blijft. Een vleermuiskast in de tuin is een zomerverblijf, geen winterverblijf: in de herfst verhuizen ze naar vorstvrije plekken.
Het actieve seizoen begint vroeg in het voorjaar, zodra de insectenpopulaties opleven. Dan is het ook het moment dat vrouwtjesvleermuizen kraamkolonies vormen om jongen groot te brengen. Verstoor vleermuisverblijfplaatsen in die periode absoluut niet: dat is wettelijk verboden en funest voor de populatie.
De beste jachtnachten zijn warme, windstille avonden in de zomer. Dan zijn insecten massaal actief en vleermuizen op hun actiefst. Ga eens op zo'n avond in je tuin zitten na zonsondergang: de kans is groot dat je ze ziet jagen als je een vleermuis-vriendelijke tuin hebt.
Wat als vliegend ongedierte nu al een probleem is?
Vleermuizen zijn een structurele, langetermijnoplossing. Ze vestigen zich niet van de ene op de andere dag en lossen een acute plaag niet meteen op. Heb je nu al veel last van rouwvliegjes rond je kamerplanten? Pak die dan aan met aaltjes of roofmijten terwijl je tegelijkertijd werkt aan een tuin die vleermuizen aantrekt voor de lange termijn.
Onderdeel van een groter geheel
Vleermuizen pakken de vliegende plagen aan die 's nachts actief zijn. Combineer ze met vogels die overdag jagen, spinnen die de kleinste vliegjes vangen en egels die 's nachts de bodem bewaken, en je tuin is dag en nacht beschermd. Meer weten over hoe je een gifvrije tuin opbouwt die zichzelf in balans houdt? Lees ons artikel over biodiversiteit in je tuin.
Klaar om te beginnen? Bekijk onze inheemse bloemenzaadjes en leg de basis voor een tuin vol insectenleven waar vleermuizen graag jagen.