Aaltjes zijn microscopisch kleine organismen die je kunt inzetten tegen allerlei plagen in huis en tuin. Ze worden ook wel nematoden genoemd en helpen op een natuurlijke manier bij het bestrijden van larven en andere schadelijke insecten in de bodem. In deze gids lees je wat aaltjes precies zijn, hoe ze werken, wanneer je ze gebruikt, hoe je ze bewaart en waarom steeds meer mensen voor deze vorm van biologische bestrijding kiezen.
Of je nu last hebt van rouwvliegjes in potgrond, emelten in het gazon of engerlingen die graswortels aantasten, aaltjes helpen je om de plaag bij de bron aan te pakken. Zonder gif, zonder resten in de bodem en zonder ingewikkeld gedoe. Juist daardoor zijn ze populair bij mensen die hun tuin, gazon of kamerplanten gezond willen houden op een natuurlijke manier.
Geschreven door: Mark Wassink, biologisch tuinspecialist bij Aaltjes tegen Ongedierte
Wat zijn aaltjes?
Aaltjes, ook wel nematoden genoemd, zijn microscopisch kleine organismen die van nature in de bodem voorkomen. Je ziet ze niet met het blote oog, maar ze spelen wel een belangrijke rol in het natuurlijke evenwicht van de grond. Sommige soorten leven van organisch materiaal, terwijl andere soorten juist op zoek gaan naar insectenlarven en andere plagen.
De aaltjes die gebruikt worden voor biologische bestrijding zijn geselecteerd op hun werking tegen specifieke plagen. Denk aan larven van emelten, engerlingen, taxuskevers of rouwvliegjes. Het zijn dus geen algemene bodemdiertjes die maar wat doen, maar heel gerichte helpers die worden ingezet om schade aan planten, wortels en gazons te beperken.
Wat aaltjes zo interessant maakt, is dat ze volledig natuurlijk werken. Ze passen goed in een tuin of huishouden waar je liever geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt. Wie zich afvraagt wanneer je aaltjes het best kunt gebruiken, merkt al snel dat niet alleen de juiste soort belangrijk is, maar ook het juiste moment van toepassen.

De aaltjes worden in een zakje geleverd als een soort poeder. Let wel op: aaltjes zijn een levend product en worden geactiveerd zodra je ze met water mengt.
Hoe werken aaltjes tegen plagen?
Aaltjes gaan na toepassing actief op zoek naar hun prooi. Zodra je ze mengt met water en over de grond, potgrond of het gazon verdeelt, bewegen ze zich door het vocht in de bodem. Daar zoeken ze naar larven of andere plaagstadia van de insecten waarvoor ze bedoeld zijn.
Wanneer een aaltje een geschikte prooi vindt, dringt het deze binnen. Vervolgens zorgen bacteriën die het aaltje met zich meedraagt ervoor dat de plaag stopt met vreten en sterft. Daarna gebruiken de aaltjes de dode larve als voedingsbron, waardoor ze zich tijdelijk kunnen vermeerderen. Zolang er voldoende prooi aanwezig is, blijven ze actief. Is de plaag verdwenen, dan neemt ook het aantal aaltjes vanzelf af.
Dat maakt aaltjes zo slim in gebruik. Ze werken doelgericht en laten geen schadelijke resten achter. Bovendien pakken ze juist het stadium van de plaag aan dat de meeste schade veroorzaakt. Bij veel tuinplagen is dat niet het volwassen insect, maar de larve die onder de grond leeft en aan wortels vreet.
Tegen welke plagen kun je aaltjes gebruiken?
Aaltjes zijn er in verschillende soorten, en elke soort is afgestemd op een specifieke plaag. Daarom is het belangrijk om niet zomaar een willekeurig product te kiezen, maar eerst goed te bepalen waar het probleem zit. Heb je schade in het gazon, last van vraat in de tuin of kleine vliegjes rond je kamerplanten, dan heb je vaak ook een andere soort aaltjes nodig.
In de tuin worden aaltjes vaak gebruikt tegen mieren, rupsen, slakken en taxuskevers. In het gazon worden ze vooral ingezet tegen emelten, engerlingen en teken & vlooien. Bij kamerplanten en binnenshuis zijn aaltjes vooral populair tegen rouwvliegjes en trips.
Twijfel je welke soort je nodig hebt, kijk dan altijd eerst naar de plaag zelf. Een gazon dat loslaat kan bijvoorbeeld wijzen op emelten of engerlingen, en dat vraagt niet om dezelfde aanpak. Daarom is het slim om eerst te bepalen wat er precies in de bodem leeft, en pas daarna een product te kiezen.
Wat zijn de voordelen van aaltjes?
Aaltjes hebben een paar duidelijke voordelen ten opzichte van veel andere vormen van plaagbestrijding. Het grootste voordeel is dat ze gericht werken. Ze pakken specifieke plagen aan zonder dat je meteen het hele bodemleven verstoort. Daarnaast laten ze geen schadelijke resten achter op planten, in de grond of op plekken waar kinderen of huisdieren komen.
- Natuurlijke bestrijding: aaltjes werken biologisch en sluiten aan op de natuurlijke kringloop in de bodem.
- Gerichte werking: ze richten zich op specifieke plagen en niet op alles wat leeft.
- Veilig in gebruik: ze zijn geschikt voor gebruik rond mensen, huisdieren en planten. Op de pagina over de veiligheid van aaltjes voor mensen en huisdieren lees je daar meer over.
- Geen schadelijke resten: ideaal voor siertuinen, moestuinen en kamerplanten.
- Aanpak bij de bron: aaltjes bestrijden juist de larven die de meeste schade veroorzaken.
- Eenvoudig toe te passen: je mengt ze met water en brengt ze daarna gelijkmatig aan.

Geen zorgen voor kinderen of huisdieren, want aaltjes zijn veilig in gebruik.
Wanneer gebruik je aaltjes?
Aaltjes werken het best als de omstandigheden goed zijn. Het belangrijkste is dat de bodemtemperatuur en het vochtgehalte passen bij de soort die je gebruikt. Sommige aaltjes zijn geschikt bij lagere temperaturen, terwijl andere juist wat meer warmte nodig hebben om actief te worden.
Ook het moment in de levenscyclus van de plaag telt mee. Veel plagen zijn het gevoeligst in het larvestadium. Daarom is het slim om niet alleen naar de kalender te kijken, maar ook naar het moment waarop de jonge larven actief zijn. In onze uitleg over wanneer je aaltjes gebruikt lees je hoe je dat moment beter kunt inschatten.
In verwarmde kassen en serres kunnen aaltjes vaak het hele jaar door worden toegepast. Buiten ben je meer afhankelijk van het seizoen en van de actuele bodemtemperatuur. Controleer daarom altijd de voorwaarden van het product dat je gebruikt.
Hoe gebruik je aaltjes stap voor stap?
Het toepassen van aaltjes is gelukkig niet ingewikkeld, maar de omstandigheden maken wel verschil. Werk je in een droge bodem of op een te zonnig moment, dan geef je de aaltjes minder kans om goed hun werk te doen. Met deze stappen vergroot je de kans op een goede werking.
1. Pas aaltjes toe op het juiste moment van de dag
Aaltjes kunnen niet goed tegen uv licht. Gebruik ze daarom bij voorkeur in de avond, op een bewolkte dag of tijdens regenachtig weer. Zo voorkom je dat ze al verzwakken voordat ze de bodem in gaan.
2. Controleer de bodemtemperatuur
Niet elke soort werkt bij dezelfde temperatuur. Gebruik je aaltjes buiten, controleer dan eerst of de bodem warm genoeg is.
|
Soort aaltjes |
Geschikte bodemtemperatuur |
|
Phasmarhabditis Californica |
5 tot 30°C |
|
Heterorhabditis Bacteriophora |
12 tot 33°C |
|
Heterorhabditis Downesi |
5 tot 28°C |
|
Steinernema Carpocapsae |
8 tot 22°C |
|
Steinernema Feltiae |
8 tot 33°C |
Controleer hier de actuele bodemtemperatuur volgens het KNMI.
3. Zorg voor voldoende vocht in de grond
Maak het te behandelen oppervlak vochtig voordat je begint. Houd de grond ook na de behandeling vochtig, zodat de aaltjes zich goed door de bodem kunnen verplaatsen. Een droge bodem beperkt hun werking sterk.
4. Meng het zakje eerst met een kleine hoeveelheid water
Los de inhoud van de verpakking op in lauw water van ongeveer 15 tot 20 graden. Meng het hele zakje eerst met 1 liter water en spoel de verpakking goed uit, zodat er geen aaltjes achterblijven. Laat dit concentraat daarna kort staan. Gebruik je normaal bodemwater en vraag je je af of dat ook kan, lees dan meer over aaltjes mengen met bodemwater.
5. Verdun het concentraat verder
Voor elke vierkante meter gebruik je ongeveer 1 liter water. Zo kun je de aaltjes gelijkmatig over het oppervlak verdelen.
6. Breng de aaltjes gelijkmatig aan
Giet of sproei het mengsel uit over de plek waar de plaag zit. Zorg voor een goede verdeling en voorkom dat delen van de bodem worden overgeslagen.
Zit er verschil in het toepassen van aaltjes?
Ja, de basis is vaak hetzelfde: mengen met water, gelijkmatig verdelen en de bodem of potgrond vochtig houden. Maar de juiste toepassing verschilt per plaag. Aaltjes tegen rouwvliegjes gebruik je bijvoorbeeld anders dan aaltjes tegen engerlingen, emelten, slakken of taxuskeverlarven.
Het verschil zit vooral in de plek van toepassen, de hoeveelheid water, de bodemtemperatuur, het beste toepassingsmoment en de nazorg. Daarom hebben we voor elke plaag een specifieke handleiding gemaakt. Wil je zeker weten dat je de aaltjes goed toepast? Lees dan vóór gebruik altijd de juiste handleiding door.
- Handleiding aaltjes tegen emelten
- Handleiding aaltjes tegen engerlingen
- Handleiding aaltjes tegen mieren
- Handleiding aaltjes tegen rouwvliegjes
- Handleiding aaltjes tegen rupsen
-
Handleiding aaltjes tegen slakken
- Handleiding aaltjes tegen taxuskevers
- Handleiding aaltjes tegen teken en vlooien
- Handleiding aaltjes tegen trips
Hoe bewaar je aaltjes?
Aaltjes zijn een levend product. Bewaar ze daarom altijd koel, het liefst in de koelkast. De vriezer is niet geschikt. Houd ook goed de houdbaarheidsdatum op de verpakking in de gaten. Hoe sneller je de aaltjes na ontvangst gebruikt, hoe beter hun conditie meestal is.
Laat aaltjes dus niet dagenlang op kamertemperatuur liggen. Ook nadat je ze met water hebt gemengd, kun je ze niet eindeloos bewaren. Bestel ze daarom pas wanneer je ze echt nodig hebt en klaar bent om ze toe te passen.
Wanneer zie je resultaat van aaltjes?
Aaltjes werken niet direct van de ene op de andere dag. In de meeste gevallen zie je na 1 tot 3 weken de eerste tekenen dat de plaag afneemt. Bij sommige plagen gaat dat sneller, terwijl het in andere situaties wat langer duurt voordat je echt verschil merkt. Wie wil weten wanneer je resultaat ziet van aaltjes, ontdekt al snel dat temperatuur, vocht en timing veel invloed hebben op de snelheid van de werking.
Dat betekent ook dat geduld belangrijk is. Aaltjes moeten de plaag eerst vinden, binnendringen en hun werk doen. Bij een hardnekkige of zware aantasting kan daarna nog een tweede behandeling nodig zijn.
Veelgestelde vragen over aaltjes
Heb je nog vragen over aaltjes of hoe je ze het best gebruikt? Hieronder vind je antwoorden op veelgestelde vragen.
Zijn aaltjes veilig voor mensen en huisdieren?
Ja, aaltjes zijn veilig voor mensen, huisdieren en planten wanneer je ze gebruikt volgens de instructies. Ze zijn bedoeld voor specifieke plagen en vormen geen risico bij normaal gebruik in huis of tuin. Meer daarover lees je in onze uitleg over of aaltjes gevaarlijk kunnen zijn voor mensen of dieren.
Moet ik een tweede behandeling doen?
Dat hangt af van de plaag en van de ernst van de aantasting. Na ongeveer 2 tot 3 weken kun je meestal goed beoordelen of een tweede behandeling nodig is. Zie je nog veel activiteit, dan kan een herbehandeling verstandig zijn.
Hoe lang blijven aaltjes leven in de grond?
Aaltjes blijven meestal enkele weken tot soms langer actief, afhankelijk van temperatuur, vocht en de aanwezigheid van een geschikte prooi. Is de plaag verdwenen, dan neemt het aantal aaltjes vanzelf af.
Kan ik aaltjes in huis gebruiken?
Ja, dat kan. Vooral bij plagen zoals rouwvliegjes worden aaltjes veel gebruikt in potgrond van kamerplanten. Let wel op dat je de juiste soort kiest voor de juiste plaag.
Aaltjes gebruiken zonder gedoe begint met de juiste keuze
Aaltjes zijn een slimme en natuurlijke manier om plagen aan te pakken bij de bron. Geen onnodig gedoe, maar een gerichte oplossing voor problemen in het gazon, de tuin of bij je kamerplanten.
Benieuwd welke aaltjes passen bij jouw situatie? Op onze collectiepagina vind je alle soorten aaltjes overzichtelijk bij elkaar, zodat je eenvoudig de juiste keuze maakt.